Energiepremies gaan vooral naar inwoners rijke gemeenten

“De energie premies gaan vooral naar diegenen die er al warm bijzitten” Brussels parlementslid Jef Van Damme (sp.a)

Dinsdag 14 juli 2015 — Brussels Parlementslid Jef Van Damme interpelleerde Céline Fremault, de minister bevoegd voor Leefmilieu, over de cijfers die hij had ontvangen met betrekking tot de energiepremies. Daaruit blijkt dat de middelen zeer ongelijk verdeeld worden. 60% gaat naar de hogere inkomens. De minister ziet het probleem niet. Sp.a vraagt een bijsturing

In het Brussels Gewest is de verwarming van gebouwen de grootste boosdoener inzake de uitstoot van broeikasgassen. Alles samen goed voor 70% van de uitstoot. Er gaan dan ook terecht heel wat middelen naar energiepremies. Maar de wildgroei van het aantal premies, de complexiteit van het systeem en een mismatch met de begunstigden verminderen de effectiviteit ervan.

Uit de gegevens bezorgt door de minister blijkt dat ongeveer 60% van het totale budget naar de hogere inkomens gaat. Het gaat hier over gezinnen met een jaarlijkse inkomens van meer dan 75.000 euro. Ter vergelijking het gemiddeld belastbaar netto inkomen per aangifte in Brussel bedroeg 26.463 euro. Deze ongelijke verdeling wordt ook zeer duidelijk wanneer men het budget verdeeld per inwoner en per gemeente. In Sint-Joost-ten-Node gaat er gemiddeld amper 6 euro naar elke inwoner, voor Molenbeek is dat 10 euro, terwijl dit voor Sint-Pieters-Woluwe en Watermaal Bosvoorde respectievelijk 30 en 37 euro is.

“De beschikbare middelen gaan nu vooral naar mensen die deze steun eigenlijk niet nodig hebben en die deze groene investeringen sowieso kunnen uitvoeren. Ondertussen blijven de huurwoningen voor Brusselaars met een lager inkomen energie slurpen bij gebrek aan investeringen. Dit terwijl er vandaag dubbel zoveel gezinnen met een stroombegrenzer leven als vijf jaar geleden” aldus Van Damme

De overdreven complexiteit maakt ook dat het premiestelsel een dure werkingskost heeft. In totaal zijn er meer dan 27 verschillende soorten premies met daarbinnen nog eens een veelvoud aan mogelijkheden en voorwaarden. De minister spreekt in haar antwoord van een personeelskost van 1.457.000 Euro met nog bijkomend werkingsmiddelen van 731.500 euro. Op een jaarlijks budget aan premies van ongeveer 22 miljoen euro is dat veel te hoog volgens Van Damme:

Iemand moet dit kluwen natuurlijk opvolgen en controleren. Wat heeft het voor zin om een hele papieren rompslomp te creëren voor bijvoorbeeld een subsidie van een schamele 50 euro voor een koelkast? Bovendien vormt deze papierberg een serieuze drempel voor een groot deel van de bevolking. Het is zeer tijdrovend en je moet al bijna notariaat gestudeerd hebben om al die formulieren correct in te vullen en op te volgen”.

Als het van de sp.a afhangt kan men het systeem best heroriënteren naar een beperkt aantal energiebesparend werken. Brussel kent een zeer verouderd patrimonium waar men met bepaalde renovatie- en isolatiewerken zeer veel energiewinsten uit kan halen. Volgens Jef van Damme zijn het vooral dit soort investeringen dat men moet stimuleren 

“Less is more. Snoei in het aantal premies en vereenvoudig en verminder het papierwerk. Voer daarnaast op termijn een verhuurverbod in voor woningen zonder dakisolatie of dubbel glas en koppel dit aan een prioritair premiebeleid voor dit soort woningen. Dit zal zowel onze emissies drastisch verminderen, alsook het aantal gezinnen met een stroombegrenzer.”  aldus Van Damme

Jef Vandamme sp.a fractieleider Brussels Hoofdstedelijk Parlement at sp.a fractie BHG – RVG